Hoop en verwachting

Anna de profetes, werd op hoge leeftijd door de Heilige Geest van God naar de tempel geleid, toen de moedermaagd van onze Heiland het gezegende Kind "inbracht, om naar de gewoonte der wet met Hem te doen". Een andere joodse heilige was haar reeds voorgegaan. Simeon, verzekerd, dat hij niet zou sterven, "eer hij de Christus des Heren zou zien", had het Kind reeds in zijn armen genomen en zijn geïnspireerde  lofzang uitgesproken, voordat de bejaarde Anna verscheen. Ook zij herkende in de kleine baby de beloofde Verlosser.
Zij dankte God, "en sprak van Hem tot allen , die de verlossing in Jeruzalem verwachtten".

Eeuwen, vele eeuwen zijn voorbijgegaan in Israels geschiedenis. Luider en luider had de stem der profetie gesproken over de  verlossing door de Immanuel, de Koninklijke Verlosser, voor de eerste keer beloofd bij de val van de mens. In elke eeuw werd een getrouw overblijfsel gevonden, dat uitzag naar deze beloofde Verlossing. Hoewel het grootste deel van het uitverkoren volk ongelovig en ontrouw was, bad dit getrouwe overblijfsel: "Och dat Israels verlossing uit Sion kwame!"( Psalm 14 : 7). Zij gingen voort, verwachtende , hopende, en uitziende naar Gods verlossing. Door het geloof zagen zij die verlossing. Zij zagen het in de slachtoffers en offeranden; zij zagen het en hoorden het in de boodschappen van de profeten.

Maar toen kwam de volheid des tijds, dat God Zijn Zoon  uitzond, geboren uit de vrouw, geworden onder de wet. Hij kwam, en de verlossing, waar men eeuwenlang naar had uitgezien, werd teweeggebracht door Hem, en door Hem alleen, toen Hij Zijn bloed stortte en Zijn leven prijsgaf als het machtige rantsoen van Golgotha's kruis. O, Gezegende verlossing. Miljoenen hebben het geloofd sinds het werk volbracht is . Zij beseffen dat zij verlost waren, "door het dierbaar bloed van Christus, als van een onbestraffelijk  en onbevlekt Lam". Zij ontvingen vrede, zoals ook nu nog allen, die gerechtvaardigd zijn door het geloof, vrede met God hebben. ( Rom. 5 : 1 ).

De macht der verlossing kwam in de levens van allen, zoals die ook nu nog komt in de harten van hen, die op Christus vertrouwen. De hoop der verlossing vervulde hun harten, evenals ook de onze . "Want wij zijn in hope zalig geworden. De hoop nu die gezien wordt is geen hoop; want hetgeen iemand ziet, waarom zou hij het nog hopen? Maar indien wij hopen hetgeen wij niet zien, zo verwachten wij het  met lijdzaamheid". ( Rom. 8 : 24). Verlossing heeft een heerlijke hoop, en een wonderbaar doel. De Heilige Geest vermaant ons, om deze hoop voortdurend in ons hart levend te houden, en haar te verwachten.

Wat is de hoop der verlossing?
Het is de verlossing van ons lichaam, de lichamen van alle gelovigen. Het is gelijkvormigheid-aan-Christus in de volste betekenis van het woord. "De hoop van Gods roeping"(Ef. 1 : 18), Die we zien met de ogen van ons hart, is: Hem gelijk te zijn , Die zit aan Gods rechterhand, de verheerlijkte Mens, de Erfgenaam aller dingen, het Hoofd van de nieuwe schepping. "Want die Hij tevoren gekend heeft, die heeft Hij ook tevoren verordineerd den beelde Zijns Zoons gelijkvormig te zijn, opdat Hij de eerstgeborene  zij onder vele broederen" ( Rom. 8 : 29). Dat is de heerlijke bestemming van allen, die gewassen zijn in Zijn kostbaar bloed. Dat is de hoop der verlossing, de hoop der zaligheid, "de hope des eeuwigen levens".

Wanneer en hoe zal het worden verwezenlijkt?
Laat de Schrift antwoorden: "Geliefden! nu zijn wij kinderen Gods,en het is nog niet geopenbaard wat wij zijn zullen.    Maar wij weten, dat als Hij zal geopenbaard zijn, wij Hem zullen gelijk wezen, want wij zullen Hem zien gelijk Hij is"
(1 Joh. 3 : 2).
"Wanneer nu Christus zal geopenbaard zijn, Die ons leven is, dan zult ook gij met Hem geopenbaard worden in heerlijkheid (Coll. 3 : 4).
 Zoals de oud-testamentische heiligen uitzagen naar verlossing, verlangden naar verlossing, baden om verlossing, zo zijn nu de nieuw- testamentische heiligen, de leden van Zijn lichaam, één met Hem, wachtende op de heerlijkheid der verlossing. Het wachten en het hopen op de beloofde vervulling is een deel van het Evangelie.
Geen Christen beleeft het volle genot van het Christen-zijn, of kent de volle, overwinnende macht van het geloof, tenzij hij gelooft in die beloofde volkomen verlossing, en daarnaar dagelijks ernstig uitziet. Als hij dat doet, dan gehoorzaamt hij de Heilige Geest. Hij heeft ons meegedeeld, wat we zijn, en wat we moeten verwachten. "Ons burgerschap is in de hemelen, waaruit wij ook de Zaligmaker verwachten, namelijk de Here Jezus Christus: Die ons vernederd lichaam veranderen zal, opdat hetzelve gelijkvormig worde aan Zijn heerlijk lichaam" ( Fill. 3 : 20, 21).

Wij leven niet volkomen het leven van een Christen,als wij alleen maar matig, rechtvaardig en godzalig leven in deze tegenwoordige wereld. Wij verminken de Schrift, als wij ontkennen wat daarop volgt: "VERWACHTENDE de zalige hoop en verschijning der heerlijkheid van de grote God en Zaligmaker, Jezus Christus" ( Titus 2 : 13 ). Geliefden lezers! Onze grootste behoefte is de opwaartse blik, dat hoopvolle uitzicht naar onze toekomstige verlossing. De Gemeente heeft dit meer dan ooit nodig. Het uitzicht naar deze verlossing, aan ons beloofd bij Zijn Wederkomst, is op zichzelf de grote reinigende macht, die we in deze dagen zo zeer nodig hebben. "Een iegelijk die deze hoop op Hem heeft, die reinigt zichzelven, gelijk Hij rein is" ( 1 Joh. 3 : 3 ). Als wij het naderend doel zien, onze heerlijke bestemming, dan zal het van ons waar worden, wat geschreven staat in Hebreën 11:  Deze allen zijn in het geloof gestorven, de beloften niet verkregen hebbende, maar hebben dezelve van verre gezien, en geloofd, en omhelst, en hebben beleden, dat zij gasten en vreemdelingen op de aarde waren"( vers 13 ).

Velen van Gods kinderen hebben aardse bezittingen verloren. Velen worstelen in de strijd van het bestaan. Ook de komende tijd zal voor velen weer niet gemakkelijk zijn. Maar als wij voortdurend de hoop en het doel der verlossing in herinnering houden, dan ontvangen wij meer dan kracht om te verdragen. Wij zijn ook tevreden, en hebben vrede, en ons hart wordt vervuld "met een onuitsprekelijke en heerlijke vreugde". Eén van de grootste vijanden van het ware Christelijke leven is VREES. Het is onchristelijk om bang te zijn en te tobben over allerlei moeilijke en zorgelijke dingen, die de toekomst zou kunnen brengen. Dagelijks "verwachtende die zalige hoop" bevrijdt ons van vrees en stelt ons in staat, om te roemen in verdrukkingen.

Wij verwachten geen gebeurtenissen, die in de wereld zullen plaats hebben, maar wij verwachten Hem Zelf, Hij komt! Die gezegende hoop maakt de Here Jezus Christus voor onze harten tot een tegenwoordige en voortdurende werkelijkheid. "De Heer is nabij!" Hoe dichtbij? Hoe ver is het nog tot het doel bereikt is? Niet ver meer! "De zaligheid is ons nu nader, dan toen wij eerst geloofd hebben. Het is nabij, zeer nabij! Wij weten de dag niet, noch het uur, maar wij hebben en kennen Zijn  woorden. Zijn Woord houdt de hoop levend in onze harten. Laten wij het lezen en onderzoeken, en alle duizenden  beloften, die we daarin vinden opgetekend, worden als het ware samengevat in de alles overtreffende verzekering van de Heiland Zelf: "Zie , Ik kom spoedig weder!"

Met dat blijde en zekere vooruitzicht kunnen wij "met altijd goede moed "onze weg gaan met blijdschap. Zal onze hoop, de hoop der verlossing binnenkort vervuld worden?  Wij mogen Hem verwachten.  

"Wij wachten U! Gij komt gewis!
Haast is de tijd verschenen,
Dat Gij naar Uw beloftenis,
Ons met U zult verenen.
Als wij U daar zien
En hulde bien,
Dan is het aardse lijden
Verwisseld in verblijden".  (Joh de Heer 398:3)

Genomen uit: Band des vredes, Jan. 1948     Jb. K.H.