De Wedergeboorte

"Gijlieden moet wederom geboren worden"  Joh. 3:7
 

Laat ons beginnen er op te wijzen, dat bovenstaand tekstgedeelte geen evangelie is. Het Evangelie is immers een blijde Boodschap en "gijlieden moet wederom geboren worden" is geen blijde boodschap.

Wat zou Nicodemus moeten doen, om "wederom geboren" te worden? Welke weg zou hij daarvoor hebben in te slaan? Hij begreep het niet, hij verstond hier niets van!

Hoe zou hij ook! Hij begreep de natuurlijke geboorte niet, die menselijk is, hoe zou hij de geestelijke geboorte kunnen vatten, welke Goddelijk is? Daar staat de oprechte, vrome, godsdienstige Israëliet, die te allen tijde de geboden Gods ernstig nakwam. De toegang wordt hem onverbiddelijk geweigerd. Geen ingang voor Nicodemus! Geen ingang voor vroomheid. Verboden toegang voor godsdienstigheid! 't Is niet voor brave, biddende, vrome mensen: "Klopt en u zal opengedaan worden". Hun kloppen wordt niet gehoord.

Er is een onoverkomelijk bezwaar gerezen. Dat bezwaar is "gijlieden moet wederom geboren worden"!
 

Wees eens eerlijk!

Beste lezer, wees eens eerlijk tegen uzelf! Als gij nu al week in, week uit, maand op maand, jaar op jaar, stipt en getrouw de godsdienstoefeningen bezoekt en met ingespannen aandacht luistert naar de prediking van het heerlijk Evangelie; als gij nu bijna uw hele leven oppassend, zedelijk en hoogstaand, godsdienstig en biddend zijt geweest en gij hebt nu nog niet vrede met God; zodat ge gerust zou kunnen sterven, hoe zult ge het Koninkrijk Gods ingaan?

Ge moet wederom geboren worden. Ik bid u, denk hierover ernstig na; maak uw balans eens op, eerlijk tegenover u zelf. Waar zijt ge nu na jaren? Waar gaat ge heen? Zó zijt ge niet op de weg des levens, doch op de weg des verderfs.
 

Wat heeft waarde voor God?

Laat mij u vragen: "denkt ge, dat onze Heer en Heiland de waarde van een verloren ziel bepaalt naar de opvoeding, de omgeving, het verleden of het heden? Naar wat die ziel geweest is of nu is? Bijvoorbeeld: "heeft Nicodemus, een Hebreeër uit de Hebreeën, een ernstige en eerlijk man en een zoeker naar waarheid, meer waarde voor Christus, dan de zondige Samaritaanse vrouw, die bij de Jakobsbron bij Hem kwam?

Nee, voor Hem zijn ze beiden even diep verloren en beiden evenveel lijden waard, om ze te redden. Beiden, zowel de godsdienstige, vrome, biddende, waarheidszoekende ziel, als de niet-godsdienstige vrome, niet-biddende, niet-waarheids-zoekende kunnen kinderen Gods worden door de wedergeboorte.

  Beiden zijn ze het leem waarvan de Goddelijke Pottenbakker "vaten ter ere" kan maken; echter, voor zover wij weten, heeft de Here meer resultaat bij de zondige Samaritaanse vrouw dan bij de goede Nicodemus. Hiermee willen we natuurlijk niet zeggen, dat een voorafgaand slecht leven verkieslijker is, o nee, want, welk een resultaat heeft God niet bij een nauwgezette, godsdienstige Saulus, nadat hij Paulus werd?
  

Wedergeboorte is noodzaak

Wedergeboorte is een noodzakelijkheid, "Gijlieden moet wederom geboren worden" De menselijke natuur kan niet het geestelijk karakter openbaren, zoals: liefde, blijdschap, vrede, lankmoedigheid, goedertierenheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid en matigheid (Gal 5:22).

De Heer zegt: "hetgeen uit het vlees geboren is, dat is vlees en hetgeen uit de Geest geboren is, dat is geest!
 

Hoe dan?

Nu komen we toch tot de onvermijdelijke vraag; "Hoe wordt men wedergeboren? Christus geeft een tweeledig antwoord.

Ten eerste: De wedergeboorte is een werk van de Geest die het Zaad des Woords vruchtbaar maakt. Evenals de wind is de Geest onzichtbaar en verborgen in de nieuwe schepping.

Ten tweede: deze "wedergeboorte" wordt ogenblikkelijk het eigendom van 'een iegelijk', die gelooft aan de Christus. "Want alzo lief heeft God de wereld, (Nicodemus zowel als de Samaritaanse vrouw) dat hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een iegelijk, (Nicodemus, zowel als de Samaritaanse vrouw) die in Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebben"(Joh. 3:16).
 

Geloof brengt wedergeboorte

Niet geloof in het karakter van Christus, noch in Zijn godheid, mensheid, woorden of wonderen – alhoewel dit natuurlijke bestanddelen van het ware geloof zijn – doch; geloof in Christus; het persoonlijk vertrouwen in Hem, die de zonde heeft weggedragen en is opgestaan, brengt de wedergeboorte. Daarom, mijn waarde lezer, of gij nu een Nicodemus of een Samaritaanse vrouw zijt, dit blijft waar: "Gijlieden moet wederom geboren worden "doch uit onvergankelijk zaad, door het levende en eeuwigblijvende woord van God (1 Ptr. 1:23).

"Zo is dan het geloof uit het gehoor en het gehoor door het Woord Gods"(Rom. 10:17).

 

Uit: Band des vredes december 1941

K.R. (K. Rozendal)